Home
 Zoeken:

Research: 'Wat draaide er gisteren?' - database filmprogrammering Amsterdamse bioscopen.

Aan de Vrije Universiteit wordt sinds het voorjaar van 2002 gewerkt aan een database van filmprogrammering in Amsterdamse bioscopen. Wordt Nederlandse bioscoopexploitatie digitaal ontsloten door de database van Karel Dibbets (Netherlands Cinema History/Alle bioscopen van Nederland in heden en verleden) en kunnen we in de toekomst het filmbestand van het Filmmuseum op het net zien, programmering is nog altijd een belangrijke blinde vlek in de Nederlandse filmgeschiedenis.

Studenten van de opleiding Algemene Cultuurwetenschappen (ACW) doen het archiefonderzoek, de data-invoer en de analyse van gestructureerde gegevens binnen het studieonderdeel Praktijkopdracht Woord & Beeld Archieven. Zij doen dat onder leiding van dr. Ivo Blom (Algemene Cultuurwetenschappen) en drs. Eric Akkerman (Toegepaste Informatica Letteren).

Het uitgangspunt voor de huidige database is onderzoek van de ACW-studente Vanessa Dehand. Zij onderzocht in 2001 binnen het kader van dezelfde Praktijkopdracht de filmprogrammering van de eerste 10 jaar van het Amsterdamse Tuschinki Theater (1921-1931). Om deze programmering in een breder perspectief te plaatsen en om vergelijking op het gebied van bioscoopprogrammering mogelijk te maken, hebben de studenten die in voorjaar 2002 de Praktijkopdracht volgden, onderzoek gedaan naar de programmering van twee concurrerende Amsterdamse bioscopen in dezelfde periode: het Rembrandt Theater en Cinema Royal. Door Blom en Akkerman werden de parameters voor het archiefonderzoek vastgesteld, werd het format voor de bijbehorende database ontworpen en werden de velden en categorieën bepaald, in overleg met Filmmuseum en Dibbets. De studenten (Maryl Adler, Bonnie van de Bremer, Miranda Franssen, Judith van der Heijden, Agnes Kiss, Maurice Levano, Ruby Nagglas, Carlijn van Ravenstein, Yvonne van Ulden, Berit van der Vlis) hebben behalve naar vertoning ook naar distributie, receptie en productie archiefonderzoek verricht. Opvallende uitspraken in persrecensies zijn per voorstelling toegevoegd.

De bedoeling is dat de database wordt gecompleteerd door de groep studenten die in het voorjaar van 2003 de Praktijkopdracht volgt, zodat in de zomer van 2003 de bioscoopprogrammering in drie toonaangevende Amsterdamse bioscopen compleet kan worden aangeboden. Reeds in januari 2003 zal hiertoe een intranetversie van de database worden afgerond, alleen te raadplegen bij de Vrije Universiteit. Vanaf voorjaar 2003 zal een voorlopige internetversie op het net worden geplaatst. Die laatste zal op dat moment nog niet volledig zijn, maar zal via het studentenonderzoek in de periode april-mei worden gecompleteerd. Op langere termijn kan de database verder worden uitgebouwd, hetzij diachroon, hetzij synchroon.

Opvallende voorlopige conclusies zijn de volgende. 1) Het is niet zo dat Tuschinski uitsluitend Amerikaanse films vertoonde. In de beginjaren van de bioscoop was het aanbod zeer gevarieerd en bij de komst van de geluidsfilm overheersten de Duitse films zelfs een tijdlang. Evenzeer bracht het Rembrandt Theater niet uitsluitend Duitse films. 2) Wel is het zo dat in Tuschinski veel Amerikaanse en in Rembrandt veel Duitse titels in première gingen, die wij nu als canoniek beschouwen. 3) Royal vertoonde veel minder de prestigieuze Amerikaanse en Duitse films en richtte zich eerder op Amerikaanse westerns met helden als Tom Mix, en Duitse detectives met Harry Piel.

Door studenten en docenten is veel werk gemaakt van de identificatie van de Nederlandse titels in de dagbladpers, die vaak het uitgangspunt van het onderzoek waren. Eens te meer blijkt hoe belangrijk adequate naslagwerken voor buitenlandse films zijn en hoe node ze worden gemist op het terrein van seriefilms, westerns en detectives. Ook in de productie van naslagwerken wordt bevestigd hoe canoniek men nog steeds denkt en hoe bekaaid de genrefilm er daarbij afkomt. Zelf bedachte Nederlandstalige filmtitels, verdraaide en misgespelde namen van acteurs en regisseurs en summiere inhoudsbeschrijvingen in de Nederlandse vak- en dagbladpers maken het werk er niet gemakkelijker op. De 'sloppyness' waar wijlen Geoffrey Donaldson zo over viel bij zijn voorgangers vindt hier zijn oorsprong.

De programmeringsdatabase zal in 2003 gelinkt worden aan de vernieuwde website van de opleiding Algemene Cultuurwetenschappen, te vinden onder: www.let.vu.nl/algemeenN.nsf/opleidingen/index. Op termijn is de wens de programmeringsdatabase van de VU te verbinden aan in 'het veld' reeds bestaande databases, zoals de database van Dibbets, de digitale filmcatalogus van het Filmmuseum en mogelijk ook de in opbouw zijnde database van de Nederlandse Filmkeuring. Op die manier zal het bijvoorbeeld mogelijk zijn de programmerings-, exploitatie- en censuurgegevens van een in het Filmmuseum opgedoken kopie vrij snel bijeen te brengen.

Al met al een veelbelovend project, dat stap voor stap kan worden ingevuld en uitgebouwd, terwijl de tussentijdse resultaten steeds kunnen worden ingezien.

Ivo Blom



Index Nieuwsarchief

©2003 Vereniging Geschiedenis, Beeld en Geluid